Erotiek vierde al in de middeleeuwen hoogtij. Aan het einde van de 15e eeuw was er sprake van een echte seksuele revolutie.

Het is nutteloos ons te verzetten tegen het verlangen van de natuur. Zelfs het kloostergewaad zal ons niet helpen om te weerstaan aan de lusten van het vrouwelijk schoon. 

Seks en genot konden ‘natuurlijk’ heten, mits onder controle van de rede en de vlag van matigheid.

De mens toonde van nature een drang naar genot, maar bij het zoeken daarnaar liet hij zich verleiden tot verkeerde keuzes.

Dan bezweek hij voor een orgasme louter uit lust, terwijl het toch om het aanjagen van de bevruchting diende te gaan. 

Ook homoseksuele handelingen en experimenten met andere houdingen bij de paring wezen op dergelijke misleidingen, die in deze gevallen tot totale ontsporing leidden.

Alleen rede en mate kon de juiste keuzen waarborgen ten einde in alle beheersing het rechte pad naar het doelmatige genot te vinden.

In aanloop van de Renaissance, en de wedergeboorte van kunst en cultuur, kon de kerk niet anders dan zich gematigder op te stellen tegenover genot, een gedoogbeleid maar dan enkel in het kader van de voortplanting.